De NWE Kruisweg
De Kruisweg, een kunstproject van Nick J. Swarth en Jeroen de Leyer, is omstreden. Sommige katholieken voelen zich beledigd omdat er met hun overtuiging de draak wordt gestoken. De protesten zijn zodanig dat de opdrachtgever Kort (Kunst in Openbare Ruimte Tilburg) en haar opdrachtgever de gemeente Tilburg besloten hebben het niet meer in de openbare ruimte te plaatsen. Het compromis is dat het nu in een semi-openbare ruimte wordt geplaatst, te weten Theater De NWE Vorst. Dit theater heeft daarvoor haar toestemming gegeven.
Waarom maken kunstenaars werken zoals een kruisweg? Waarom voelen mensen zich daardoor beledigd? Waarom geeft een gemeente daar geld en ruimte voor? Waarom kiest een theater zulke discutabele kunst in haar gebouw toe te laten? De vragen vliegen over tafel. De antwoorden zullen minder eenduidig zijn en zeker niet bevredigend voor iedereen. Ze worden hier ook niet gegeven, behalve enkele overwegingen die ons besluit het kunstwerk wel in dit theater te plaatsen, toelicht.
Het kunstwerk bestaat uit 14 tekeningen, straks verwezenlijkt in 14 technieken met 14 teksten. De werken zijn gebaseerd op de vraag wat Christus allemaal tegen zou komen als hij nu, in deze wereld zijn kruisweg zou moeten lopen. Enerzijds laat cartoonist Jeroen de Leyer daar zijn licht op schijnen en dat leidt tot confronterende en komische ontmoetingen zoals het passeren van een Burger King-vestiging of Christus wijn drinkend aan een bar. Anderzijds heeft dichter Nick J. Swarth daar op associatieve wijze teksten bij geplaatst, die soms cryptisch, soms confronterend zijn. Elk verband is hier echter associatief en eventuele conclusies worden alleen getrokken door de toeschouwer. De intentie te beledigen is er niet. De intentie is wel om van uit een ander perspectief naar dit eeuwenoude verhaal te kijken en met de associaties het denken van mensen te prikkelen.
We kunnen er dus van uitgaan dat de makers niet willen kwetsen en dat de gekwetsten nauwelijks weten waardoor ze gekwetst zijn. Behalve een enkele tekening is het werk nog niet openbaar gemaakt. Blijkbaar gaat het daar ook niet om. Het idee dat iemand een onderwerp ter hand neemt dat door een groep als heilig wordt beschouwd is voldoende. Van religies en culturen die met raketsnelheid vanuit rurale en feodale samenlevingsvormen de 21e eeuw in worden gekatapulteerd, kan men zo’n reactie nog begrijpen, maar van een religie (en haar volgelingen) die mede aan de wortels hebben gestaan van onze huidige democratische beschaving en de volle ontwikkeling hebben meegemaakt, verwacht je anders. Maar goed, feit blijft dat men zich gekwetst voelt door een nog onbekend kunstwerk. De vergelijking met de film van Wilders die er nog niet is, dringt zich op. Weliswaar is in het Tilburgse geval nog geen Fatwa uitgesproken, maar we hebben wel al een dame aan de deur gehad met een fles zoutzuur in de tas, die vroeg waar de kunstwerken hingen.
Er valt veel te zeggen over onze democratie (een revisie lijkt zo langzamerhand nodig) maar er zitten goede kanten aan. Er is ruimte voor ieders mening, ook die van minderheden of andersdenkenden. Dat lijkt wat uit het oog verloren. De grootste groepen en de grootste schreeuwers denken soms meer gelijk te hebben dan de anderen. Dat is toch echt niet zo. Anderzijds dienen meningen of commentaren over de ander gepaard te gaan met respect voor de aangesproken partij en geen lange-tenen-gedrag naar de sprekende partij. Dat wordt ook nog al eens vergeten. Van beide kanten.
Het belangrijkste in de democratie is echter dat de dialoog doorgaat. Stopt die dan stopt deze open samenlevingsvorm waarin plaats is voor iedereen. Wij als theater hechter daar zeer aan. De meeste andere samenlevingsvormen die in de loop van de tijd zijn uitgeprobeerd, lijken ons in ieder geval een stuk minder aantrekkelijk. Kortom het gesprek moet doorgaan, ook als daar hartige woorden bij vallen. En hartige woorden zijn soms nodig. Niet om te kwetsen, de ander van zijn geloof te brengen, de identiteit van een groep te doen wankelen of het ‘heilige’ uit de hemel te schieten, maar om de blik te hernieuwen, te verruimen of zaken te heroverwegen in het licht van onze eeuwig veranderende samenleving. Het uiteindelijk effect is niet bedreigend. Vaak wordt men door de dialoog in de eigen opvatting of het eigen geloof gesterkt of laat men beperkt veranderingen toe die in de lijn daarvan liggen.
In dit kader past ook de inbreng van kunstenaars. Kunstenaars zijn specialisten in het anders kijken. Kunstenaars zijn geen politici en hebben geen politieke belangen, partijen of ideologieën. Kunstenaars reflecteren vanuit hun parallelle wereld. Alles wat ze doen raakt het leven direct, maar ze doen dat van enige afstand. Van daaruit spiegelen ze. Ze slingeren visies, ideeën en gevoelens de wereld in om de blik te veranderen of emoties te raken. Het enige doel is prikkelen en beroeren. Dat gebeurt soms kritisch, soms confronterend en soms schokkend. Nogmaals, niet om te beledigen of te kwetsen. Dan zouden ze hun doel voorbij schieten. De mensen kunnen er mee doen wat ze willen; bekijken, overdenken, naast zich neerleggen, afstand nemen of bekritiseren, maar niet verbieden of vernielen. Met een verbod wordt het wezen van ons democratisch systeem aangetast.
Als theater staan wij achter de kunstenaars. Zij vinden hier hun vrijzone, hun parallelle wereld. Hier mogen ze hun ideeën ontwikkelen en tonen aan het publiek. Iedereen is daarbij welkom en iedereen staat vrij daar van te vinden wat het wil. We tonen in de eerste plaats werk van kunstenaars op het podium, maar soms ook in het gebouw. Van harte maken we ruimte voor het werk van kunstenaars die bedreigd worden met een spreekverbod door mensen die vergeten zijn dat onze samenleving gebouwd is op de dialoog. Wij vinden (confronterende) impulsen vanuit de kunst zoals de statieweg juist een bijdrage hiertoe.
Rene Jagers
Directeur De NWE Vorst
Reageer