Ieder huisje zijn kruisje.
Theater Gnaffel speelt 'Het boek van alle dingen'. Thomas heeft het thuis niet makkelijk. Zijn streng gelovige vader slaat niet alleen hem, maar ook zijn moeder en zijn zus. Om zich toch nog een beetje gelukkig te voelen, schrijft hij in een schoolschrift alles op wat hij meemaakt, voert hij gesprekjes met Jezus en maakt hij bij buurvrouw Van Amersfoort kennis met andere literatuur dan alleen de Bijbel. De Telegraaf,14 januari 2010 door Esther Kleuver.
Kinderboekenschrijver Guus Kuijer won met Het boek van alle dingen (2004) niet alleen de Gouden Griffel, maar ook de Belgische Jeugdliteratuurprijs de Gouden Uil. Een populair en geliefd boek dus over religie, huiselijk geweld, eenzaamheid en volwassen worden. Theater Gnaffel heeft er nu een (poppen)voorstelling van gemaakt. Rob Vriens regisseert het stuk, maar het was actrice Marlyn Coetsier die hem tipte. Vriens kon zich helemaal in haar keuze vinden. “Het is inderdaad een ontroerend verhaal. Ik vind het ook heel sterk dat het helemaal vanuit het kind geschreven is. En er zit geen oordeel in. Op het eind kijkt Thomas weliswaar anders naar zijn vader, maar er wordt niets van zijn gedrag gladgestreken. Dat willen wij ook graag met deze voorstelling meegeven: probeer zoveel mogelijk oordeelloos te zijn. Er is altijd wel een oorzaak voor bepaald gedrag te vinden.”
Marlyn Coetsier en Elout Hol bespelen de poppen in de voorstelling, maar spreken geen woord. Alle gesproken tekst- oftewel het verhaal en de stem van Thomas – staat op een geluidband. “Hoewel ik het boek meteen prachtig vond, vroeg ik me wel onmiddellijk af hoe we dat in hemelsnaam moesten gaan vertellen met poppen”, vertelt Vriens. “Het wordt zo plat als je dat met dialoogjes over en weer gaat doen. En dus besloot ik het auditieve los te koppelen van het beeld. Terwijl je het kind hoort vertellen, gebeuren er op de vloer hele andere dingen. En ik wilde met poppen van verschillende afmetingen werken. Zo is er bijvoorbeeld een grote en een kleine Thomas, om te symboliseren dat kinderen zich soms heel klein en nietig kunnen voelen, maar op andere momenten juist weer heel groot. Wanneer Thomas bijvoorbeeld door zijn vader met de houten pollepel wordt geslagen, zien we de kleine pop en als hij een liefdesbrief aan Eliza schrijft, werken we juist weer met de grote. Op die manier wilde ik er een bepaalde gelaagdheid in aanbrengen, zodat het niet alleen een plaatje bij een praatje zou worden.”
Wat Vriens bijna vergeet te vertellen, is dat de stem van Thomas op de geluidsband die van zijn bloedeigen zoon Joes Min is. Maar als het hoge woord er dan eenmaal uit is, kan hij zijn vaderlijke trots maar moeilijk verbergen. “Het was een gok natuurlijk, want Joes is geen professioneel acteur. Maar hij heeft het zo goed gedaan. Er zijn echt heel wat uren werk in gaan zitten. Zelf vond ik dat ook een hele ervaring, dat gepiel op de millimeter. Geweldig.”
De jeugdtheaterregisseur maakte in 2004 voor het eerst goed kennis met poppentheater bij de voorstelling De Ingebeelde Zieke van Wederzijds en Gnaffel. “Ik liep met dezelfde domme vooroordelen rond als zoveel mensen, maar na mijn kennismaking met poppenmaker en –speler Elout Hol veranderde ik totaal van mening. Het is heel spannend om dit soort theater te maken en er is ook zoveel meer mogelijk. Een pop kan dingen waar acteurs niet toe in staat zijn, zoals vliegen of volledig in elkaar zakken. Maar een pop heeft ook minder expressie en daar moet je dan weer oplossingen voor vinden. Ik hou me graag bezig met vorm, dus dat is aan mij wel besteed.”
Te zien op zo 31 jan om 15.00 uur.
Reageer